Reken 62 − 58 uit zoals Kees en zoals Jada. Schrijf je stappen op.
Antwoord: 4 (2 manieren)
Toelichting
Bij deze som is aanvullen het handigst. Kiest de leerling toch weghalen, vraag dan hoeveel stappen elke manier kostte.
Reken 62 − 58 uit zoals Kees en zoals Jada. Schrijf je stappen op.
Antwoord: 4 (2 manieren)
Bij deze som is aanvullen het handigst. Kiest de leerling toch weghalen, vraag dan hoeveel stappen elke manier kostte.
Reken 62 − 3 uit zoals Kees en zoals Jada.
Antwoord: 59 (2 manieren)
Aanvullen van 3 naar 62 kan wel, maar is een lange weg. Juist dat moet de leerling hier zelf merken.
Wie heeft gelijk bij 62 − 3?
A Kees, weghalen is hier handiger
B Jada, aanvullen is hier handiger
C Ze zijn allebei even snel
Antwoord: A (Kees, weghalen is hier handiger)
Er komen klanten met nog meer minsommen. Kies bij elke som de manier die jij het handigst vindt.
Reken uit. Schrijf erbij of je weghaalde (W) of aanvulde (A).
Maak de zin af. Aanvullen is handig als …
A de twee getallen dicht bij elkaar liggen
B het tweede getal heel klein is
C het eerste getal een tiental is
Antwoord: A (de twee getallen dicht bij elkaar liggen)
B is juist het geval waarin weghalen handig is. Laat de leerling bij elk antwoord een som uit de tabel noemen.
Op het krijtbord van de markt tekent Kees zijn sprongen voor 53 − 27. Hij springt terug.
Bij welk getal komt Kees uit?
Antwoord: 26
Jada tekent dezelfde som. Zij begint bij 27 en springt vooruit naar 53.
Hoeveel is Jada in totaal gesprongen?
Antwoord: 26
Reken 91 − 46 uit zoals Kees en zoals Jada. Je mag een getallenlijn tekenen in het vak.
Antwoord: 45 (2 manieren)
Hier zijn beide manieren ongeveer even lang. Elke keuze is goed, als de leerling kan zeggen waarom.
Welke sprongen zijn het handigst bij 83 − 79?
A Terug: − 70 en dan − 9
B Vooruit van 79: + 1 en dan + 3
C Terug: − 3, − 70 en dan − 6
Antwoord: B (Vooruit van 79: + 1 en dan + 3)
A en C geven ook 4, maar met grote sprongen terug. Bij twee getallen zo dicht bij elkaar is vooruit springen het kortst.
Reken 74 − 68 uit op de manier die jij het handigst vindt. Teken je sprongen in het vak.
Antwoord: 6
Hoeveel euro heeft Wim nog over?
Antwoord: 54 euro
Wat gaat er mis bij Kees?
A Kees haalde 1 te veel weg. Hij moet er 1 bij doen, niet eraf.
B Kees moet nog 10 eraf halen.
C Het klopt, 52 is goed.
Antwoord: A (Kees haalde 1 te veel weg. Hij moet er 1 bij doen, niet eraf.)
Een klok kost 19 euro. Wim heeft 82 euro. Reken 82 − 19 uit op twee manieren.
Antwoord: 63 euro (2 manieren)
Reken uit met de 9-truc: 45 − 9
Antwoord: 36
Reken uit met de 9-truc: 71 − 29
Tip: Welk tiental ligt vlak bij 29?
Antwoord: 42
71 − 30 = 41, en 1 terug: 42.
Werkt de truc ook bij een plussom? Reken slim uit: 37 + 19
Tip: Tel er eerst 20 bij. Heb je dan te veel of te weinig?
Antwoord: 56
37 + 20 = 57. Dat is 1 te veel, dus 57 − 1 = 56.
Bij plus gaat de correctie de andere kant op. Een mooie vraag om door te praten.
Leg aan Kees uit waarom je bij − 9 eerst 10 eraf haalt en er dan 1 bij doet. Je mag een tekening maken.
Geen vast antwoord
Een uitleg als je hebt er 1 te veel afgehaald, dus die moet er weer bij is helemaal goed. Een tekening met geld of een getallenlijn ook.
Een klant koopt een kaas van 47 euro en betaalt met een briefje van 50 euro. Hoeveel wisselgeld krijgt de klant?
Antwoord: 3 euro
Een fruitmand kost 36 euro. De klant betaalt met 100 euro. Reken het wisselgeld uit op twee manieren.
Antwoord: 64 euro (2 manieren)
Op een echte markt vullen verkopers bijna altijd aan, met munten en briefjes in de hand. Vraag de leerling waarom dat zo handig is bij geld.
Kees had 85 kazen. Hij verkocht er 9. Hoeveel heeft hij er nog?
Antwoord: 76
Schrijf jouw marktregel. Wanneer haal je weg? Wanneer vul je aan? Wanneer gebruik je de 9-truc? Geef bij elke manier een voorbeeld.
Geen vast antwoord
Test je regel. Kies bij elke som een manier en reken uit.
Maak drie sommen tot 100 voor een klasgenoot: één waarbij weghalen het handigst is, één voor aanvullen en één voor de 9-truc.
Geen vast antwoord
Laat een klasgenoot de sommen maken en daarna zeggen welke manier hij koos. Kwam die overeen met de bedoeling van de maker?